Voerwissels

Nieuw voer of nieuw ruwvoer voer je altijd geleidelijk in, zodat de darmflora tijd krijgt om zich aan te passen.

Algemene informatie, geen individueel voer- of rantsoenadvies. Overleg voor je eigen paard met je dierenarts of een voedingsdeskundige.

Hoe zit het?

Elke verandering in voer verandert ook de leefomgeving van de micro-organismen in de achterdarm, en zij hebben tijd nodig om zich aan te passen. Een gebruikelijke aanpak is de overgang over ongeveer 7 tot 14 dagen te spreiden, en voor een grote wissel van ruwvoer soms nog wat langer. In de praktijk begin je bijvoorbeeld met ongeveer een kwart nieuw voer en driekwart oud, en verhoog je het aandeel nieuw voer stap voor stap.

Waarom het belangrijk is

Een geleidelijke overgang beschermt de darmflora en verkleint de kans op spijsverteringsproblemen. In de eerste periode na een voerwissel is de kans op koliek verhoogd.

Misverstanden

  • Van de ene op de andere dag overschakelen op ander voer is niet onschuldig, ook niet naar 'beter' voer.
  • Ook een wissel van hooi of weidegang telt als voerwissel en verdient een geleidelijke overgang.

Waar je op moet letten

Een te snelle voerwissel verhoogt de kans op koliek en darmklachten. Verander een voer nooit abrupt; bij tekenen van koliek is snel contact met de dierenarts belangrijk.

Ontdek meer

Bronnen: University of Minnesota Extension · University of Missouri Extension.